Motivatie om te leren

Mensen zijn van nature gemotiveerd om te leren, mits er aan een aantal psychologische basisbehoeften is voldaan (Ryan & Deci, 2000). Deze psychologische basisbehoeften zijn essentieel voor het welbevinden en voor de persoonlijke ontwikkeling van mensen. Het gaat dan om de behoefte aan autonomie, competentie en verbinding met anderen.

Autonomie verwijst naar de wil en keuze van acties en doelen als deze voortkomen uit zichzelf en afwezig zijn van externe sturing (Katz & Assor, 2007). Men handelt dan met een gevoel van wilskracht. De behoefte aan competentie is het vertrouwen dat men heeft in eigen kunnen (bekwaamheid) om de interacties met de omgeving het hoofd te kunnen bieden. Verbinding met anderen verwijst naar de behoefte zich nauw verbonden te voelen met andere mensen; om van anderen te houden en voor ze te zorgen en dat ook terug te ontvangen. 

Het vertrouwen dat een werknemer door scholing succesvol competenties kan ontwikkelen heeft invloed op de motivatie om te leren. De stimulans en ondersteuning van een leidinggevende is hierbij van groot belang (Sanders, Kraan, & Boermans, 2018). 

De bron van motivatie kan voor elk individu verschillend zijn. De zelfdeterminatietheorie onderscheidt verschillende soorten van motivatie die van invloed zijn op leren, presteren, ervaren en welbevinden. Het gaat dan om intrinsieke motivatie (authentiek en vanuit het individu) en extrinsieke motivatie (van buitenaf opgelegd). 

Sierens en Vansteenkiste (2009) onderscheiden op basis van de zelfdeterminatietheorie vier vormen van motivatie om te leren: intrinsieke motivatie en persoonlijk belang, samen autonome motivatie, en externe verplichting en interne verplichting, samen gecontroleerde motivatie (Figuur 1). 

Autonome motivatie is gerelateerd aan beter psychologisch welzijn, betere leerresultaten, een diepgaand begrip van de leerstof en meer zelfstandig leren. De lerende ervaart keuzevrijheid, is van nature nieuwsgieriger en meer geïnteresseerd in de leerstof. 

Gecontroleerde motivatie is een voorspeller van faalangst, concentratieverlies, minder diepgaande verwerkingstrategieën, uitstelgedrag en lagere leerresultaten (Vansteenkiste, Sierens, Soenens, Luyckx, & Lens, 2009).

Bronnen

Hoenderboom, G. (2020). Werkgerelateerde Psychologische Basisbehoeften en de Motivatie van Werknemers om te Leren. Masterthesis, Open Universiteit, Onderwijswetenschappen, Heerlen.

Katz, I., & Assor, A. (2007). When Choice Motivates and When It Does Not. Educational Psychology Review, 19(4), 429 – 442.

Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2000). Self-Determination Theory and the Facilitation of Intrinsic Motivation, Social Development and Well-Being. American Psychologist, 55(1), 68 -78.

Sanders, J., Kraan, K., & Boermans, S. (2018). Duurzame inzetbaarheid van laaggekwalificeerde werknemers: werken aan competentiebeleving. Gedrag & Organisatie, 31(2), 151 – 172.

Sierens, E., & Vansteenkiste, M. (2009). Wanneer ‘meer minder betekent’: motivatieprofielen van leerlingen in kaart gebracht. Begeleid Zelfstandig Leren, 24, 17 – 36.

Vansteenkiste, M., Sierens, E., Soenens, B., Luyckx, K., & Lens, W. (2009). Motivational profiles from a self-determination perspective: The quality of motivation matters. Journal of Educational Psychology, 101, 671 – 688.